Freestyle Gedichten
Gedichten langer dan 160 tekens.
Mijn angsten
mijn angsten verminderen niet
elke dag hoop ik dat ze weg gaan
ik hoop er niet altijd mee te hoeven leven
met angsten leven kan zo ontzettend pijn doen
en ik weet dat vele mensen met angsten leven
ja dit is nog een gebroken wereld
maar we weten dat deze wereld vernieuwd wordt
alles zal nieuw worden
en de angsten zullen ook verdwijnen
niet zo lang zal het meer duren, dat weet ik zeker.
wat zal het toch mooi worden.
ja, hoop doet leven!
Blinde paniek
ik heb de
massa's gezien
blij de gezichten
vlaggen en leuzen om
de aandacht te richten
het samen
verbroedert
een leider die moedert
zijn maten op weg
idealen op spandoek gezet
ineens is er drukte
gedrang van de kanten
het eerste vluchten
uit het benauwende
zuchten in blinde paniek
mensen die vallen
niet op kunnen komen
vertrapt onder de
zolen van schreeuwers
uitzinnig van angst
pas dan is
er stilte die
het laatste hijgen
laat horen van hen die
hun adem al hebben verloren
De angsten in mij
de angsten in mij zijn zo groot
ik wil ze zo graag kwijt
ze vernietigen me
al mijn moed gaat weg
het is een zware weg
maar ik weet dat jezus
mijn angst weg zal halen
de angst doet zo een pijn
toch ben ik blij dat ik leef
deel mag hebben aan het leven
het leven dat liefde,
en angsten kent
het goede en kwade leeft er
here, zendt mijn angsten weg
ik weet dat u mij zult verhoren.
maar ik weet dat de dag komt
dat alles vrede zal zijn
en ik ook gelukkig mag zijn.
Wees jezelf
Leg jezelf een gezonde discipline op,
maar wees daarbij lief voor jezelf
Je bent een kind van het heelal,
niet minder dan de bomen en de sterren.
Je het recht hier te zijn,
en ook al is het je al of niet duidelijk,
toch ontvouwt het heelal zich
zoals het zich ontvouwt, en zo is het goed.
Heb daarom ook vrede met God,
hoe je ook denkt dat hij moge zijn
en wat je werk en aspiraties ook mogen zijn;
houd vrede met je ziel,
in de lawaaierige verwarring van het leven.
Met al zijn klatergoud, somberheid en vervlogen
dromen is dit toch nog steeds een prachtig wereld.
Streef naar geluk, maak je zelf niet stuk.
Wees moedig en krachtig.
Angst
ik heb veel angsten,
heel veel angsten.
er zijn hier veel geluiden
waar ik bang voor ben
en ik ben bang dat ik het
niet meer zo goed red
ik hoop dat mijn angsten
zullen verdwijnen.
gezondheid is zo belangrijk
ik bid veel om gezondheid
en ik weet dat god
me zal verhoren
hij is machtig genoeg
ik weet dat hij naar me luistert
hij is mijn vreugde, het liefste,
en dat hij mij de heilige geest
weer zal geven.
dan zullen mijn angsten
verdwenen zijn.
hij kan alles.
vader, blijft u bij me
en dan zal ik mezelf weer liefhebben
wilt u zijn met alle mensen
die angsten hebben.
en ons allen weer kracht geven.
dank u wel.
Het paard van troje
ik zag het
aan de blaadjes
van de heg zij bogen
waar zij anders openden
toen donker passeerde
pas later toen
het vaker gebeurde
begonnen blad en tak
een subtropische vorm
te krijgen in vergelijken
in de kledinglijn ging
lang en donker overheersen
het vrolijke verloor
zijn lente in eenvormigheid
vrouwen sjokten hun gelijk
multiculturelen waren in
alleen het nederlands
werd nauwelijks gesproken zat
weggedoken in een minderheid
door eigen tolerantie opgesloten
er is wantrouwen in angst
met terreur als dodelijk wapen
ooit zal het paard van troje
ons onverwacht de ogen openen
helaas onthoofd zien wij dat later
Werd diepte gewaar
het stormde weer
maar ik voelde
geen tegenwind
dreef logeslagen rond
als een stuurloos kind
liet me gaan
zonder houvast
verbaasd door de
kracht die mijn geest
op het lichaam had
keek met ogen
die mij zittend zagen
verdwaasd op de bank
met een chaotisch
hart vol vragen
de verte lokte
door het vrije glas
ik voelde hoe tocht
mij steeds dichter
bij de ramen bracht
werd diepte gewaar
voelde hoe gevaar
mij lokkend wenkte
begon weer te denken
de bank en niet daar
Sterretjes
ik voelde
onrust en spanning
in het haastige gaan
jij keek me aan
bezorgde ogen
lieten me gaan
werd in stilte
ontvangen door
warme handen
een heldere maan
schitterde licht
dat vrede weerkaatste
sterretjes op de
vlijmscherpe mesjes
van het prikkeldraad
Woordloos gesprek
ik ben bang
voor de stilte
die toekijkt bij ons
woordloos gesprek
oordeelt over
mimiek en gebaar
argumenten weegt
in licht of te zwaar
ooit was er de
hand die reikte en
een verlossende blik
op beider gezicht
maar er is
enkel ruis en
venijnig gesis op de
golflengte van stemmen
die geen enkele
overeenkomst kan
brengen over de tweespalt
die stilte snijdt tussen ons
Het voor oordelende haten
er is iets
vreselijk fout gegaan
in onze maatschappij
bewust kapot gemaakt
waarvan wij nu de
brokken moeten rapen
vertrouwen heeft
snel plaats gemaakt voor
negeren en geen ruimte laten
in kijken naar elkaar
zonder te praten begint
al het voor oordelende haten
zeker waar geweld
het licht getinte geldt
van grote groepen anoniemen
Hun nevelig verhaal
waar mist sliert
flarden geluidloos
hun nevelig verhaal
verkondigen druipen
woorden langs het raam
somberheid verdicht
het minimale zicht
waarin licht verstrooid
wordt en alleen bewegen
nog signalen geeft
alsof leven
zich afspeelt in
een ongeziene vorm
van bestaan dat zijn
zinnen verloren heeft
strak trekt angst
klemmen op de borst
omdat de chaos stijgt en
diepe eenzaamheid naar
psychotische suïcide neigt
Schuil maar in mijn grijs
kom en schuil maar
in mijn grijs
als zwart en wit
elkaar bestrijden
ver van huis
waar van alle kleuren
alleen het levend rood nog
als herinnering is gebleven
warm je in ontvangst
koester veiligheid
waarin angst niet
meer zal overheersen
op deze kleine plek
is rust een thuis
waaruit het nieuwe
leven kan beginnen
Het blauw perspectief
wolken pakken samen
verduisteren in vele talen
het blauw perspectief
naamlozen roepen
de wind te gaan liggen
proeven de stilte van angst
hun bewegen wordt gedreven
door een passie voor gaan en
stormenderhand overspoelen
nog maakt het niet uit
land en plaats om het even
voor slaap eten en leven
maar gezichten herkennen
baarden uit het chaotische daar
waar handen baden met eigen god
ook in den vreemde
vermoorden islambroeders elkaar
blijft het geloof hun eigen strop
Vol midden-oosten klanken
luid schettert de muziek
vol midden-oosten klanken
treinen rijden niet omdat
er angst is blijven hangen
verdwaald in eigen stad
niemand die mij richting geeft
vroeger ben ik toch
ook heel vaak hier geweest
de straat is rijkelijk
bekleed met donkere gewaden
maar er is geen mens die
het nederlands nog spreekt
geen vluchteling te zien
terwijl je mag verwachten
dat zij hun medebroeders
echt niet laten zakken
ook hun angsten zijn gebleven
omdat geloofsgenoten
enkel eigen wetten lezen
elkaar vermoorden in allah's naam
Scherp afgetekend
het is mijn keuze niet
waar in het donker
scherp afgetekend
de vleermuis vliegt
waar spinrag hangt
en zompige aarde
vol groene varens
mijn voetstap vangt
een zuigend contact
dat iedere stap
moeizamer maakt
naar het inktzwarte ven
dat spiegelend
laat zien wie ik ben
stilte doet rimpelen
in golfjes schrik
van die plek word ik gek
kan hem toch niet ontlopen
het is de enige plaats met nog
een sprankje hoop op boven
De lucht werd ouder
ben de trap opgegaan
heb de veilige koepel
van licht verlaten
tastte langs wanden
hoorde treden kraken
wist zo waar ik was
maar het benauwde
de lucht werd ouder
dikker en kouder
zweemde naar geuren
die raakten aan een
onherstelbaar gebeuren
nog had ik ruimte
moest wentelen in
steeds krappere draaien
op dat moment
scheurden de muren
stortten hun stenen op mij
ik struikelde viel tegelijk
hoorde mijn wekker
onwaarschijnlijk dichtbij
Naamloze passanten
ik wist
de donkere luchten
het zachte zuchten van de wind
geruisloos
nestelt stilte zich
in bomen tussen blad
hoor het vage
breken van een tak
door naamloze passanten
zag de bliksem pas
toen het donkere loof
diep voor de regen boog
de spanning die
het onweer lading gaf
is stilaan verdwenen
zomer is in gouden
luchten weer verschenen
mijn angsten kunnen vluchten
Samen loslaten
ik weet
dat je bidt
als de tijd
vleugels krijgt
je gezicht
keert in
als je voelt
dat het begint
een spannend
verwijlen
als de wielen
gaan ijlen
de rust is
terug in samen
loslaten voor
een veilige vlucht
Hun houten ogen
als bomen naar me kijken
ik hun houten ogen
niet meer kan ontwijken
word ik panisch bang
voel de takken komen
die eerst nog naar me
reiken maar me later
onverbiddelijk grijpen
in het raken van de bast
hoor ik het kraken
van hun knoesterige lach
waarin de sappen stromen
las de oudste jaarringen
in het diepgewortelde bestaan
door bliksem storm en regen
is hun aanzien deels vergaan
heb de maan bekeken
uit een hoge kruin
mijn leven aan de voet
was slechts een hoopje puin
Dood
Ik wil dood
Ik kan niet meer
Ik heb pijn
Ik wil er niet meer zijn
Dan heb ik geen problemen meer
Ik bloed
Het doet zo'n goed
Een opluchting
Alle tranen gaan uit mijn lichaam
Krassen staan op mijn arm
Mijn arm brandt
Overal lijntjes af en toe bloed
Het doet zo'n goed
Om mijn lichaam
Te voelen wenen